Interim-CFO Jaap Schepen: Niet ingrijpen met botte bijl

Jaap Schepen was twee jaar lang actief als interim-CFO van Bruna. Wat wordt er gevraagd van de tussenpaus?

Wat trekt je aan in de interim-rol?
“Het feit dat je niet heel lang op één plek zit, maakt je een stuk vrijer in je rol. Zonder dat je direct betrokkenheid verliest. Dat zit in mijn persoonlijkheid; alles wat ik doe, doe ik met passie. Het maakt me niet uit of ik in dienst ben of niet. Bruna heeft aan mij nooit gemerkt dat ik een zetbaas ben die een factuur stuurt. Ik ben gewoon één van hen geweest.

“Interessant aan de interim-rol is ook dat je onderdeel bent van een verandertraject. Ik vind het zelf heel leuk om te werken aan een verbetertraject of herstructurering, om aan de slag te gaan met de vraag hoe we de omzet of marges gaan verbeteren. Maar aan zo’n opdracht komt altijd weer een einde. Je kunt zo’n taak anderhalf tot twee jaar doen, dan is het tijd om het door te geven. Ook omdat je geen projectmanager bent, je bent onderdeel van het managementteam. Uiteindelijk is het beter als er op die positie iemand voor langere tijd zit.”

Wat vindt u leuk aan veranderen of herstructureren?
“Ik vind het leuk om dingen beter te maken. Het mooiste is als werknemers dat ook merken. Als ze zeggen dat ze met meer plezier naar hun werk gaan dan drie of zes maanden geleden.”

Wat vraagt het van een CFO om te werken bij een bedrijf dat een herstructurering nodig heeft?
“Naast inzicht in cashflowmanagement moet je snel kunnen schakelen en in kunnen grijpen. Dat moet gebeuren op een empathische manier en niet met een botte bijl. De mensen die blijven, moet je zien mee te krijgen in de vernieuwing. Verder zul je snel inzicht moeten hebben in het probleem: waar zit het, is het weg te snijden of op te lossen? Zo niet, dan is er echt sprake van een probleem. Dit kan te maken hebben met de kosten of de top line.
Ik heb eerder ervaring opgedaan bij British American Tobacco en Reed Business. Beiden hebben een Angelsaksische cultuur. Deze bedrijven kijken altijd al sterk naar hoe het beter en goedkoper kan.” 

In crisissituaties zit er vaak veel spanning op de lijn. Hoe vindt u het om onder dit soort omstandigheden te werken?
“Ik vind het niet direct fijn als er veel spanning is, ik ben geen thrill seeker. Maar vaak zie je dat het personeel van bedrijven in problemen vaak exact weet waar het fout gaat. Ze weten ook dat er iets moet gebeuren, anders is het afgelopen. Dus vaak kijken ze je niet vreemd aan en gaan ze je niet als een bully beschouwen. Zeker niet als je op een empathische manier te werk gaat.  
Hiernaast moet je consistent te werk gaan en het echt voor het bedrijf doen. Mensen hebben het snel door als het je enkel gaat om de rekening die je elke maand stuurt en het uiteindelijke resultaat je weinig interesseert. Ze voelen het als je niet intrinsiek gemotiveerd bent om het bedrijf beter te maken. Dat moet wel in je zitten. Het is geen zwangerschapsvervanging, dat is een groot verschil.”