“Proactieve, samenwerkende CFO heeft grote impact op resultaat”

Van CFO’s wordt tegenwoordig verwacht dat ze samenwerken met andere afdelingen en zich bemoeien met groeistrategie. Financieel directeuren die buiten hun eigen silo treden, hebben veel impact op het resultaat, volgens onderzoek van SAP en Oxford Economics.

In het onderzoek werden 1.500 respondenten (het overgrote merendeel CFO’s) uit verschillende sectoren en landen gevraagd naar de invulling van hun werk. De onderzoekers maakten een onderscheid tussen financials die veel invloed hebben op de organisatie en de rest. Deze zogenaamde ‘finance leaders’ beschikken over zes kenmerken: ze hebben een sterke invloed buiten de finance functie, sturen op groeiplannen, ze verbeteren de efficiency door automatisering, ze zijn zeer effectief binnen de financiële kerntaken, ze werken samen met business-units en kennen nauwe samenwerkingen met de afdelingen die gaan over risk en compliance. Slechts 11,5 procent van de ondervraagden behoort tot deze categorie.

Het onderzoek laat zien dat bij goed presterende bedrijven finance zeer actief is op deze terreinen.Bij de bedrijven met een groei groter dan 5 procent, gaf 83 procent van de respondenten aan finance zichtbaar en invloedrijk is binnen de organisatie. Bij de minder hard groeiende (0,1 – 5 procent) en bij krimpende bedrijven was dit respectievelijk 79 en 70 procent.

Samenwerking 

Het magische ingrediënt volgens de onderzoekers is het vermogen om samen te werken met andere afdelingen. Bij bijna alle respondenten melden de gebruikelijke samenwerking met interne audit, risk management en compliance. Samenwerking met de business is veel minder gebruikelijk. En dat terwijl blijkt dat vooral hier de winst gepakt kan worden. Bijna de helft van de bedrijven die verlies draaien, zegt dat de geïsoleerde positie van finance hen weerhoudt van het behalen van de doelen. Bij de snelst groeiende bedrijven is dat slechts in 28 procent van de gevallen zo. Opvallend genoeg is een geïsoleerde finance functie vooral een probleem voor grote bedrijven (33 vs 16 procent).

De inzet van informatietechnologie, met name analytics kan financials helpen hun positie open te breken, suggereert het rapport. Als financials meer intern samenwerken en hun analytische vermogen duidelijk wordt, ontstaat er een win-win-situatie: de business-units zien de waarde van finance, terwijl de CFO zo meer strategische invloed krijgt.

De onderzoekers concluderen dat het resultaat verbetert als finance actief is op een groot aantal verschillende gebieden. De zogenoemde finance-leaders uit dit onderzoek zijn actief op terreinen waar je finance niet direct verwacht, bijvoorbeeld marketing, sales of onderzoek. 40 procent van deze groep kon het afgelopen jaar groei rapporteren, tegenover 21 procent van de ‘non-leaders’. Actieve samenwerking tussen finance en andere afdelingen komt bij de best presterende bedrijven uit het onderzoek dan ook vaker voor dan bij de minder presterende. Vaak wordt het bij deze bedrijven verwacht dat finance proactief is en de samenwerking zoekt.

Traditionele finance-taken nog steeds belangrijk

Het uitdijen van het takenpakket van de CFO betekent niet dat de meer traditionele finance-taken niet meer belangrijk zijn. Bij de topgroeiers meldt 73 procent een hoge effectiviteit op het gebied van deze kerntaken. Bij de groeicategorie van 0,1 tot 5 procent is dit slechts 40 procent. Ook is finance bij deze bedrijven beter in werkkapitaal optimalisatie en reiskostenmanagement. Hoewel dit soort taken niet leiden tot spectaculaire innovaties of nieuwe verdienmodellen, blijkt deze basis toch belangrijk te zijn voor de prestaties van bedrijven.
 

 

Gerelateerde artikelen