Onderzoek NGFS meet de impact van extreem weer op financiële stabiliteit landen

NGFS
In sommige gevallen is de schade groter dan de helft van het BBP.

Sinds het begin van deze eeuw zijn de directe kosten van weersgerelateerde rampen wereldwijd meer dan verdubbeld, tot circa 224 miljard dollar in 2025. Toch was empirisch onderzoek naar hoe dergelijke schokken doorwerken in de economie en het financiële stelsel tot nu toe beperkt.

In opdracht van de G7-voorzitter Frankrijk heeft Network for Greening the Financial System (NGFS) onderzocht hoe extreem weer macro-economische en financiële risico’s veroorzaakt. Er zijn voor het NGFS rapport 31 praktijkvoorbeelden uit 28 landen onderzocht, van bosbranden, tot cyclonen en overstromingen. Het NGFS is een wereldwijde coalitie van meer dan 150 centrale banken en financiële toezichthouders.

Lees ook op CFO.nl: Erna van Leijden (CFO van NNZ): “We willen ons portfolio verbreden en minder afhankelijk zijn van landbouwproducten.”

Schade soms meer dan de helft van het BBP
Uit het onderzoek komt naar voren dat extreem weer direct invloed heeft op inflatie, economische groei en financiële stabiliteit.  In sommige gevallen bleef de schade beperkt tot 0,03 procent van het bruto binnenlands product, in andere gevallen liep die op tot meer dan de helft van het BBP (57%). Ook de inflatie kan flink stijgen als gevolg van extreem weer: in sommige landen liep deze op tot wel 17 procentpunt.

 De case studies in het NGFS‑rapport laten zien dat extreem weer kan leiden tot zeer grote financiële verliezen, met sterke verschillen tussen landen:
  • Pakistan (2022 – overstromingen)
    De overstromingen veroorzaakten circa 30 miljard dollar schade (ongeveer 10% van het bbp). De impact was langdurig, met sterke gevolgen voor groei, armoede en het financiële systeem.
  • Duitsland (2021 – overstromingen)
    Totale schade bedroeg ongeveer 33 miljard euro, waarvan een aanzienlijk deel onverzekerd was. Dankzij sterke instituties bleef de macro-economische impact relatief beperkt.
  • Spanje (2024 – overstromingen in Valencia)
    De schade werd geschat op meer dan 17 miljard euro aan vermogensverlies in de regio (meer dan 20% van het regionale bbp), met beperkte impact op de nationale economie.
  • Jamaica (2025 – orkaan)
    De economische schade bedroeg ongeveer 12,2 miljard dollar, wat uitzonderlijk hoog is in verhouding tot de omvang van de economie en leidde tot sterke effecten op toerisme en schuldpositie.
  • Japan (2018 – tyfoon)
    De tyfoon leidde tot 9,7 miljard dollar aan verzekerde schade, een van de grootste verzekerde verliezen door extreem weer, met name door schade aan infrastructuur en energievoorziening.

De voorbeelden tonen dat zowel absolute schade (zoals in Duitsland en Pakistan) als relatieve impact (zoals in Jamaica) sterk kunnen verschillen, afhankelijk van blootstelling, economische structuur en veerkracht. Maar via handel, internationale ketens en financiële markten kan de schade zich wereldwijd verspreiden. Als één land zwaar wordt getroffen, kunnen andere landen dat mogelijk ook voelen.

Daarmee raakt het de kerntaken van centrale banken en toezichthouders. De casestudies laten zien dat zij hun instrumenten al geleidelijk aanpassen. Denk aan het verwerken van weerschokken in ramingen, stresstests en toezicht. Ook bieden zij soms tijdelijke flexibiliteit om kredietverlening en betalingsverkeer op gang te houden. Zo dragen zij bij aan een stabiel en robuust financieel systeem.

Lees ook op CFO.nl: Ecologische achteruitgang raakt Nederlandse economie bovengemiddeld hard

Imagine a Formula 1 circuit. Everything revolves around control: data, sensors, dashboards, engineers. But winning is not driven by data alone.
The difference is made through decisions taken both before and during the race.

Gerelateerde artikelen